Eigen ervaring met ultrasporten
- Stan Nelis
- 20 aug 2025
- 5 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 26 aug 2025
Mama: Oh tof, een vakantie naar Schotland! Wat ga je daar allemaal doen?
Ik: Ik ga de West Highland Way proberen te lopen, van Glasgow naar Fort William. 153 kilometer in acht dagen.
Mama: ‘Amai’, en wie van je vrienden gaat nog mee?
Ik: Ik ga in mijn eentje.
Mama: Oei!
Dit was de dialoog die ik voerde met mijn mama over mijn idee om te gaan ultralopen in Schotland. Het was niet een tocht van 80 km aan één stuk, maar het kwam toch in de buurt. 153km wandelen over acht dagen in het heuvelachtige Schotland. Een impulsieve beslissing, maar één waar ik geen spijt. van heb. Tijdens deze hike hield ik een 'dagboek' bij dat je hieronder kan lezen. Niet elke etappe is even specifiek uitgelegd, maar dat is wel logisch na zo een tocht niet?
Voordat ik het wist stond ik op het vliegveld, met mijn veel te zware trekrugzak, wandelschoenen, te weinig voorbereiding en stress. Stress om te wandelen, maar ook stress door Charleroi Airport. Er waren te weinig mensen om de security te bemannen, waardoor er meer dan twee uur vertraging was. Uiteindelijk was het mij toch gelukt, mits een spurt naar de gate. Eens aangekomen in Schotland was die stress verdwenen en maakte het plaats voor nieuwsgierigheid.
DAG 1: Hoofd zegt ja, darmen zeggen nee
Na een korte treinreis van Edinburgh naar Glasgow kwam ik bij het officiële startpunt van de West Highland Way in het charmante dorpje Milngavie. Je spreekt het niet uit zoals je het leest, en dat had ik al gauw door toen ik in de lokale kruidenier kwam om een flesje frisdrank te halen. Vol goede moed begon ik aan de wandeling, in mijn afritsbroek en thermoshirt. Meteen op de eerste dag ontmoette ik allerlei soorten wandelaars. Een jong koppel uit Zaventem, een Amerikaanse bejaarde vrouw uit Missouri en een Franse vader met zijn zoon en hond. Zou die hond ook 153 km wandelen?
De eerste dag verliep heel vlot en voordat ik het wist zat ik in een pub naast Maarten en Lex, twee Nederlanders die op mijn rugzak wilden passen toen de gelletjes mijn darmen even te veel werden. Gelukkig was ik al in de pub…
DAG 2: Conic Hill
De volgende ochtend keek ik op mijn Komoot-app om te zien hoeveel ik moest lopen/wandelen op dag twee. 25 km, dat leek me goed te doen. Niets was minder waar. Een berg genaamd ‘Conic Hill’ lag tussen het Drymen, het stadje waar ik vertrok, en Rowardennan. Achteraf gezien was het meer een pittige klim, maar de tegenwind hielp niet tijdens het klimmen. De zon was wel van de partij, ondanks dat de weer-app aangaf dat het ging onweren. Typisch Schotland, dacht ik? Eenmaal aangekomen bij de top van Conic Hill kreeg ik een prachtig uitzicht op het alombekende Loch Lomond.
Dag 3: Klimmen en klauteren
Op mijn derde wandeldag besloot ik vroeg op pad te gaan. Ik had mijn route goed bestudeerd, dus ik wist dat mijn volgende 22 kilometer relatief vlak zou zijn. Relatief dus. De tocht bestond uit klauteren, klimmen en boulderen. Het pad was niet echt een pad, maar een strook tussen rotswanden met verschillende beekjes waar je via grote stenen overheen kon gaan. Niet echt aangenaam met een trekrugzak en het gaat vooral niet vooruit. Je moest je focus behouden, want anders kwam je al gauw in Loch Lomond terecht.

DAG 4-8: Een Italiaans onderonsje
Nadat ik deze klimpartij had overleefd, wist ik dat de volgende dagen wat minder vermoeiend gingen zijn. De landschappen bleven enorm mooi, maar de hoogtemeters bleven gelukkig rond de 300 meter, wat meeviel. Opvallend was wel dat ik alle mensen die ik op de eerste dag had gezien, elke dag weer tegenkwam. Een tof moment was toen ik mijn zoveelste pasta in de avond at, een Italiaanse vrouw aan mij kwam vragen hoe het met mij ging. Ik had deze mevrouw enkel gezien bij mijn vertrek, dus was aangenaam verrast dat juist zij kwam vragen hoe het met mij ging. Ze nodigde mij uit om bij haar aan tafel te zitten, waar haar twee dochters ook zaten. Ik heb nog een hele avond met hen gegeten en gebrekkig Italiaans gepraat, langs mijn kant dan toch.
Dag 7: Ongewenst bezoek
De voorlaatste dag was de ergste dag van mijn leven. Buiten dat mijn voeten al enkele blaren hadden en de rugzak alsmaar zwaarder begon te wegen, kreeg ik nog bezoek van iemand. Storm Floris. Het koppel uit Zaventem, die ik eerder heb vermeld, vroeg mij aan het ontbijt of ik de storm ga trotseren. Ik verwachtte niet te veel en zei dat ik wel wat sneller zal wandelen, met een knipoog. Ik wandelde effectief sneller, maar dat kwam door de meewind. Windstoten van 120 km/u stuwden mij richting ‘ The Devil’s Staircase’. Een berg die beschreven werd als het meest angstaanjagende punt van The West Highland Way. En dat was het ook. Kleine riviertjes werden wildwaterbanen en regen sneed langs mijn gezicht als naalden. Ondanks dat de berg enorm vermoeiend was, besloot ik toch om een stuk te lopen op een snelle, maar voorzichtige manier. Een Duits koppel, die even gek waren als mij, hielp mij met hun wandelstokken door een rivier. De man bood mij een sigaret aan, na lichte twijfel heb ik vriendelijk afgewezen en ben ik doorgelopen. Eens aangekomen in de pub, voelde ik enkele blikken op mij gericht. Een oudere man vroeg mij in een haast onverstaanbaar Schots accent. ‘Did you do the Devil’s Staircase lad?’ Toen ik hem zei dat ik zo gek was om het te doen, bood hij mij een liter warme thee aan en vroeg bijna de hele pub hoe het was om te wandelen in storm Floris. Ik voelde mij een topsporter die constant vragen kreeg van journalisten over zijn prestatie. Het was even de omgekeerde wereld.
Dag 8: De finale
De laatste dag was storm Floris voorbij en kwam de zon er terug door. Ik trok mijn kleren, die gelukkig droog waren, aan en trok met volle moed richting Fort William, het eindstation van The West Highland Way. Tijdens deze etappe genoot ik van elke stap die ik zette en rolde er regelmatig een traan langs mijn wangen. Ongecontroleerd en ik liet het ook gebeuren. De aankomst in Fort William was wel een anticlimax, want het regende en er was niet echt een mooie boog als bij de start van de wandeltocht. Mijn doel van The West Highland Way te lopen had ik rap opgeborgen omdat ik het mij anders niet kon vergeven dat ik zoveel mooie natuur ging missen. In de toekomst gaan ze mij daar nog terug zien, maar dan zal het in een loopoutfit zijn.






















Opmerkingen